Op deze pagina
- Wat is reflecteren en reflectief leren?
- Het ALACT-model van Korthagen
- De leercyclus van Kolb en het ALACT-model
- De STARR-methode als hulpmiddel
- Het ui-model van Korthagen: kernreflectie
- Waarom reflectief leren belangrijk is
- Reflectief leren versus zelfreflectie
- Hoe pas je reflectief leren toe in de praktijk?
- Tot slot
Reflectief leren en reflecteren betekent beiden dat je bewust terugkijkt op wat je hebt gedaan, gedacht en gevoeld, om daar concreet van te leren voor een volgende keer.
Reflecteren is daarmee niet alleen iets voor achteraf: het is een vaardigheid die je kunt trainen, en die in veel Nederlandse opleidingen een belangrijke rol speelt. In dit artikel lees je wat reflectief leren precies inhoudt, hoe een van de bekendste Nederlandse reflectiemodellen (het ALACT-model van Korthagen) werkt, en hoe je dit zelf toepast.
Reflectief leren betekent bewust terugkijken op ervaringen om daar concreet van te leren. Het ALACT-model van Korthagen (handelen, terugblikken, bewustwording, alternatieven, opnieuw handelen) is een van de bekendste Nederlandse reflectiemodellen, gebouwd op de leercyclus van Kolb. Het ui-model verdiept dit met lagen als overtuigingen, identiteit en kernkwaliteiten. Onderzoek laat een positief effect zien van reflectie op leerprestaties.
Wat is reflecteren en reflectief leren?
Reflecteren betekent bewust stilstaan bij je eigen ervaringen, gedachten, gevoelens en gedrag, met als doel daar inzicht en leerpunten uit te halen. Reflectief leren is de toepassing daarvan in een leercontext: je gebruikt reflectie gericht om vaardigheden, kennis of gedrag te verbeteren, in plaats van simpelweg door te gaan zonder terug te kijken.
Het idee dat reflectie essentieel is voor leren, gaat terug op de Amerikaanse filosoof en onderwijsvernieuwer John Dewey. Hij onderscheidde in de jaren dertig van de vorige eeuw al reflectief denken van routinematig handelen: bij reflectie stel je bewust vragen bij wat je doet, in plaats van automatisch te reageren.
Reflectief leren wordt in het Nederlandse onderwijs vaak als aparte leervorm gezien, naast kennisleren (informatie opnemen) en vaardigheidsleren (handelingen verbeteren). Reflectief leren gaat over het inzicht krijgen in je eigen handelen en de patronen daarachter.
Het ALACT-model van Korthagen
Een van de bekendste Nederlandse reflectiemodellen is het ALACT-model van onderwijskundige Fred Korthagen. Het wordt veel gebruikt binnen Nederlandse lerarenopleidingen en andere beroepsopleidingen. Internationaal staat het bekend als het ALACT-model, genoemd naar de eerste letters van de vijf fasen:
- Action (handelen). Je doet ervaring op in een concrete, betekenisvolle situatie.
- Looking back (terugblikken). Je kijkt terug op wat er gebeurde: wat deed je, wat dacht je, wat voelde je?
- Awareness of essential aspects (bewustwording van essentiële aspecten). Je onderzoekt waarom dingen gingen zoals ze gingen, en of er een patroon achter zit.
- Creating alternatives (alternatieven ontwikkelen). Je bedenkt andere manieren van aanpakken voor een volgende keer.
- Trial (opnieuw handelen). Je probeert de nieuwe aanpak uit, wat weer het startpunt is van een nieuwe cyclus.
De vijfde fase van het ALACT-model is tegelijk de eerste fase van de volgende cyclus. Reflecteren volgens Korthagen is daarom geen eenmalige exercitie, maar een doorlopende spiraal. Korthagen benadrukt dat vooral de bewustwording van essentiële aspecten nodig is om verder te komen dan een oppervlakkige beschrijving.
De leercyclus van Kolb en het ALACT-model
Korthagen baseerde zijn model expliciet op de ervaringsleercyclus van psycholoog David Kolb uit 1984. Kolb onderscheidde vier fasen: concrete ervaring, reflectieve observatie, abstracte conceptualisering en actief experimenteren. Het ALACT-model bouwt voort op principes uit ervaringsleren en werkt deze verder uit voor reflectie in beroepsopleidingen.
Het overkoepelende idee van beide modellen is hetzelfde: leren uit ervaring is geen automatisch proces. Zonder bewuste reflectie loop je het risico dezelfde fouten te herhalen, ook al doe je veel ervaring op.
De STARR-methode als hulpmiddel
De STARR-methode kan worden gebruikt om een ervaring concreet te beschrijven voordat je deze verder analyseert met een reflectiemodel zoals ALACT. STARR staat voor:
- Situatie. Wat was de context?
- Taak. Wat was jouw rol of verantwoordelijkheid?
- Actie. Wat deed je concreet?
- Resultaat. Wat was de uitkomst?
- Reflectie. Wat leer je hiervan, en wat zou je een volgende keer anders doen?
De STARR-methode wordt veel gebruikt bij sollicitatiegesprekken en reflectieverslagen, juist omdat het een concrete, navertelbare structuur geeft aan wat anders al snel vaag blijft.
Filosoof Donald Schön maakte later een ander, aanvullend onderscheid: reflectie tijdens het handelen zelf (“reflection-in-action”) versus reflectie achteraf (“reflection-on-action”). Daardoor werd reflectie ook een belangrijk begrip binnen professionele ontwikkeling, niet alleen binnen formeel onderwijs.
Het ui-model van Korthagen: kernreflectie
Naast het ALACT-model ontwikkelde Korthagen, samen met Angelo Vasalos, een tweede bekend model: het ui-model, ook wel kernreflectie genoemd. Waar het ALACT-model vooral gaat over hóé je reflecteert (de stappen), gaat het ui-model over wát je onderzoekt: de diepere lagen achter je gedrag.
Het model wordt weergegeven als een ui met meerdere lagen, van buiten naar binnen:
- Omgeving. Wat gebeurde er om je heen? Welke invloed had de situatie op je gedrag?
- Gedrag. Wat deed je concreet?
- Vaardigheden. Welke competenties zette je in, of miste je?
- Overtuigingen. Welke (vaak onbewuste) ideeën had je over jezelf, anderen of de situatie?
- Identiteit. Hoe zie je jezelf in deze rol of situatie?
- Betrokkenheid of missie. Wat drijft je, welke waarden speelden mee?
- Kernkwaliteiten. In de kern van de ui liggen persoonlijke kwaliteiten die vaak zo vanzelfsprekend zijn dat je ze zelf moeilijk herkent.
Wanneer reflectie ook de diepere lagen (identiteit, betrokkenheid, kernkwaliteiten) betrekt, spreekt Korthagen van kernreflectie. Dit kan met name behulpzaam zijn om fase 3 van het ALACT-model, de bewustwording van essentiële aspecten, verder te verdiepen: niet alleen wát er gebeurde, maar ook waarom dat zo aansloot, of juist botste, met wie je bent.
Waarom reflectief leren belangrijk is
Reflectief leren draagt op meerdere manieren bij aan je ontwikkeling. Het versterkt onder meer je metacognitie: het vermogen om na te denken over je eigen denken en leren, in plaats van alleen over de inhoud zelf. Metacognitie en reflectief leren versterken elkaar: hoe beter je weet hóé je leert, hoe gerichter je kunt reflecteren, en andersom. Ook het herkennen en verwerken van je eigen emoties tijdens een ervaring hoort bij een volledige reflectie, niet alleen het cognitieve deel.
Reflectief leren hangt ook samen met de ontwikkeling van executieve functies, zoals zelfevaluatie en het bijsturen van eigen gedrag. Zelfevaluatie en gedragsbijsturing hangen samen met bredere executieve functies, waarbij onder meer prefrontale hersennetwerken betrokken zijn.
Een studie van Schaub-de Jong naar reflectief leren in de gezondheidszorg vond dat vooral drie factoren bepalend zijn voor de kwaliteit van reflectie: voldoende zelfinzicht, een veilige leeromgeving om open over fouten te spreken, en het vermogen om jezelf bij te sturen op basis van wat je leert. Een recente meta-analyse van Zhai en collega’s uit 2023, gebaseerd op 25 studies, vond bovendien een substantieel positief effect van reflectieve interventies op leerprestaties. Niet elke vorm van reflectie werkte even goed: vooral de manier waarop reflectie werd vormgegeven, zoals de duur en de mate van begeleiding, bleek uit te maken voor het effect.
Reflectief leren versus zelfreflectie
Reflectief leren en zelfreflectie worden vaak door elkaar gebruikt, maar zijn niet helemaal hetzelfde. Reflectief leren richt zich specifiek op het analyseren van ervaringen om beter te leren, meestal in een concrete taak- of leercontext. Zelfreflectie is breder: het gaat over wie je bent als persoon, je waarden, patronen en gedrag, niet alleen in een leercontext. Reflectief leren kun je dus zien als een gerichte toepassing van het bredere vermogen tot zelfreflectie.
Ontdek wat jij over jezelf kunt leren
Gebruik krachtige vragen om patronen te herkennen, betere keuzes te maken en verder te groeien.
Hoe pas je reflectief leren toe in de praktijk?
Reflectief leren wordt makkelijker met een aantal concrete gewoontes:
- Reflecteer kort na de ervaring. Details, gedachten en gevoelens zijn dan vaak nog beter beschikbaar in je geheugen, wat de kwaliteit van je reflectie kan verbeteren.
- Gebruik een vaste structuur. Pas bijvoorbeeld het ALACT-model toe en gebruik STARR om de ervaring concreet te beschrijven.
- Stel “waarom”-vragen, niet alleen “wat”-vragen. Fase 3 van het ALACT-model is belangrijk voor diepere leerwinst, omdat je daar onderzoekt waarom iets gebeurde en welke patronen een rol speelden.
- Schrijf het op. Een kort reflectieverslag dwingt je om concreter en specifieker te zijn dan alleen erover nadenken.
- Vraag feedback van anderen. Zij zien soms patronen die je zelf mist.
Wil je een concreet hulpmiddel om je gedachten, gevoelens en gedrag in een specifieke situatie te ontleden? Het G-schema uit de cognitieve gedragstherapie sluit hier goed op aan, al is het oorspronkelijk niet voor formeel leren ontwikkeld, maar voor het doorbreken van negatieve denkpatronen.
De meestgestelde vragen over reflectiemodellen en de toepassing ervan.
Betekenis en modellen
Evalueren richt zich vooral op het beoordelen van een resultaat: is het doel behaald, ja of nee? Reflecteren gaat dieper: het onderzoekt ook waarom iets wel of niet lukte, en wat dat betekent voor een volgende keer.
Het ALACT-model is het reflectiemodel van Fred Korthagen, met vijf fasen: handelen, terugblikken, bewustwording van essentiële aspecten, alternatieven ontwikkelen en opnieuw handelen. Het wordt veel gebruikt binnen Nederlandse lerarenopleidingen en andere beroepsopleidingen.
Niet helemaal. Reflectief leren richt zich specifiek op het leren van ervaringen, vaak in een taak- of opleidingscontext. Zelfreflectie is breder en gaat over jezelf als persoon in het algemeen.
Toepassing
STARR staat voor Situatie, Taak, Actie, Resultaat en Reflectie. Het is een hulpmiddel om een ervaring concreet en navertelbaar te beschrijven, vaak als eerste stap in een reflectiemodel zoals dat van Korthagen.
Door kort na een ervaring te reflecteren, een vast model zoals ALACT of STARR te gebruiken, door te vragen naar het “waarom” in plaats van alleen het “wat”, en door feedback van anderen te vragen. Reflecteren is een vaardigheid die met oefening beter wordt.
Het ui-model en kernreflectie
Het ui-model is een tweede reflectiemodel van Korthagen, naast het ALACT-model. Het beschrijft verschillende lagen achter gedrag, van omgeving en vaardigheden tot overtuigingen, identiteit en kernkwaliteiten, waardoor je dieper kunt onderzoeken waarom je op een bepaalde manier handelt.
Kernreflectie is reflectie die ook de diepere lagen van het ui-model betrekt, zoals identiteit, betrokkenheid en persoonlijke kernkwaliteiten, in plaats van alleen gedrag en vaardigheden. Het wordt gebruikt om dieperliggende patronen achter gedrag te begrijpen.
Het ALACT-model beschrijft de stappen van het reflectieproces (hóé je reflecteert). Het ui-model beschrijft de lagen die je binnen die reflectie kunt onderzoeken (wát je onderzoekt). Beide modellen worden vaak samen gebruikt, waarbij het ui-model met name fase 3 van ALACT kan verdiepen.
We helpen je graag verder. Neem contact met ons op of laat een reactie achter bij dit artikel.
Tot slot
Reflectief leren is geen abstract begrip, maar een concrete, trainbare vaardigheid die in veel Nederlandse opleidingen wordt onderwezen. Het ALACT-model van Korthagen, gebouwd op de leercyclus van Kolb, biedt een beproefde structuur: van handelen, via terugblikken en bewustwording, naar nieuwe alternatieven en opnieuw handelen. Wie leert om structureel te reflecteren, leert niet alleen sneller van fouten, maar krijgt ook meer grip op het eigen leerproces. Wie meer inzicht wil in het eigen leerproces, kan verder lezen over metacognitie, zelfreflectie en executieve functies.
Bronnen
- Dewey, J. (1933). How We Think: A Restatement of the Relation of Reflective Thinking to the Educative Process. D.C. Heath and Company.
- Kolb, D.A. (1984). Experiential Learning: Experience as the Source of Learning and Development. Prentice Hall.
- Korthagen, F.A.J. (1985). Reflective teaching and preservice teacher education in the Netherlands. Journal of Teacher Education, 36(5), 11-15.
- Schön, D.A. (1983). The Reflective Practitioner: How Professionals Think in Action. Basic Books.
- Schaub-de Jong, M. (2013). Facilitating reflective learning: a PhD thesis report. Perspectives on Medical Education, 2, 40-44. pmc.ncbi.nlm.nih.gov
- Zhai, N., Huang, Y., Ma, X. & Chen, J. (2023). Can reflective interventions improve students’ academic achievement? A meta-analysis. Educational Research Review. sciencedirect.com
- Korthagen, F. & Vasalos, A. (2005). Levels in reflection: Core reflection as a means to enhance professional growth. Teachers and Teaching, 11(1), 47-71.
Reacties worden vóór publicatie gecontroleerd op respect, relevantie en veiligheid.