Hoogbegaafdheid en ADHD kunnen oppervlakkig vergelijkbare gedragingen opleveren, maar zijn onafhankelijke dimensies die op zichzelf niets over elkaar zeggen.
Hoogbegaafdheid en ADHD kunnen oppervlakkig vergelijkbare gedragingen opleveren, maar zijn onafhankelijke dimensies die op zichzelf niets over elkaar zeggen.
Emotionele intelligentie gaat over hoe goed je emoties bij jezelf en anderen kunt herkennen, begrijpen en hanteren. Het beïnvloedt bijvoorbeeld hoe je reageert op stress, hoe je communiceert tijdens een conflict en hoe goed je begrijpt wat er bij iemand anders speelt.
Executieve functies zijn de mentale vaardigheden waarmee je je gedrag bewust stuurt: plannen, je aandacht richten, impulsen remmen en schakelen wanneer de situatie verandert. Ze bepalen niet hoe slim je bent, maar of je dat vermogen ook daadwerkelijk kunt inzetten.
Hoogbegaafdheid verwijst primair naar uitzonderlijk hoge cognitieve capaciteiten. Creativiteit, nieuwsgierigheid, intensiteit en perfectionisme kunnen voorkomen, maar zijn geen universele of diagnostische kenmerken.
Je denkt dat je objectief bent. De meeste mensen denken dat. Toch stuurt bias, een systematische vertekening in je denken, vrijwel elke keuze die je maakt: van wie je aardig vindt tot wat je gelooft na het lezen van een nieuwsartikel.
Wat betekent rationeel precies? Rationeel betekent dat je redeneert op basis van logica, feiten en een bewuste afweging. Emoties en intuïtie kunnen daarbij meespelen, maar bepalen niet zonder reflectie de uitkomst.
Ontdek wat hyperfocus betekent, welke kenmerken erbij horen, wat het verband is met ADHD en hoe je intense concentratie als kracht kunt benutten.
Een antoniem is een woord met een tegengestelde betekenis ten opzichte van een ander woord, zoals “vol” en “leeg”. Taalkundigen onderscheiden drie soorten: complementaire, gradeerbare en relationele antoniemen.
Een analogie vergelijkt de onderliggende relatie tussen twee verschillende zaken, niet hun oppervlakkige gelijkenis. Analogisch redeneren hangt sterk samen met intelligentie en wordt al sinds het begin van de twintigste eeuw gebruikt om redeneervermogen te meten.
Iemand met ADD kenmerken komt vaak dromerig of rustig over. Dat beeld is misleidend: mensen met ADD beschrijven juist een hoofd vol gedachten, dat moeite heeft om bij één ding te blijven.